Van start

Wanneer je als werkgever aan de slag wilt met duurzame inzetbaarheid is het van belang dat je op de juiste manier van start gaat.
Daarom moet er een analyse gemaakt worden van de huidige situatie.
Het onderstaande model biedt daarin ondersteuning:

Organisatie:

  1. Bewustwording: Binnen de organisatie moet er bewustwording zijn van de noodzaak om actief bezig te gaan met de duurzame inzetbaarheid en arbeidsmobiliteit van medewerkers. Dit komt niet alleen het verzuim ten goede, maar ook de productiviteit en werkplezier van de medewerkers.
  2. Bereidheid: De bereidheid van de organisatie vertaalt zich in het sturen van de leidinggevende en de medewerker om actief met duurzame inzetbaarheid aan de slag te gaan. Om dat te faciliteren moeten er processen zijn ingericht binnen het bedrijf die dat mogelijk maken (hr-beleid, gespreksmomenten etc.).
  3. Verandering: De verandering van de organisatie toont zich in het faciliteren van mogelijkheden en initiatieven op dit gebied.

Werknemer: 

  1. Bewustwording: Als de organisatie bewust is van de toegevoegde waarde van duurzame inzetbaarheid en bereid is de organisatie daar voor in te richten kan er bewustwording worden gecreëerd bij de medewerker. Bijvoorbeeld door middel van het voeren van gesprekken of bijeenkomsten over dit onderwerp.
  2. Bereidheid: Om bereidheid tot nadenken over duurzame inzetbaarheid bij de medewerkers te krijgen moeten de mogelijkheden van het project duidelijk zijn en moeten de medewerkers actief begeleid en ondersteund worden om hier gebruik van te maken.
  3. Verandering: Vervolgens moet de medewerker in actie komen om duurzame inzetbaarheid te verwezenlijken. De leidinggevende heeft hier een stimulerende rol in en organisatie geeft sturing en maakt mogelijk.

Hoe realiseer je dit?

Bekijk het volledig uitgetekende proces.