In een team waar je elkaar vertrouwt:
- Wordt niet regelmatig aangedrongen om iets te doen wat je niet kan of wil
- Zal minder controle zijn. Ook als je ziek bent.
- Voelen mensen zich veilig. Ook in de gesprekken over jouw afwezigheid en over wat jij nog wel kunt.
- Ben je nieuwsgierig naar hoe het gaat met de ander. Probeer in mogelijkheden en oplossingen te denken als je werkgever contact met je heeft.
Waar geen vertrouwen is, ontstaat al snel wantrouwen. Dat zorgt voor problemen:
- Men is bang voor ruzie en conflicten
- Er is veel controle en voor kleine dingen moet toestemming worden gevraagd
- Jullie praten niet meer met elkaar maar over elkaar
- Het werk gaat langzamer, minder goed en er worden sneller fouten gemaakt
- De betrokkenheid bij het werk, de collega’s en de opdrachtgever daalt
Een werksfeer zonder vertrouwen maakt samenwerken moeilijk. Dat geldt ook als je weer gaat werken na ziekte. Kies dus als medewerker bewust voor vertrouwen in plaats van wantrouwen. Organisaties met een cultuur van vertrouwen presteren beter op het gebied van productiviteit, innovatie en samenwerking.
De vraag is hoe je werkt aan vertrouwen. Zeker als je wat langer ziek bent. Er zijn drie dingen die daarbij helpen:
- Doe wat je belooft. Zeg wat je doet en doe wat je zegt.
- Kom de afspraken die je maakt met je werkgever na. Als je ziek bent gaan die afspraken over weer aan het werk gaan en nadenken over wat je nog wel kunt.
- Vertel je verhaal in gesprek met je werkgever. Stel ook vragen aan je werkgever.
- Behandel anderen met respect. Luister naar elkaar en sta open voor tips.
- Onderhoud contact met je werkgever, ook als je ziek bent
- Houd je werkgever op de hoogte over hoe het met je gaat
- Geef jouw ideeën over hoe en wanneer je weer aan het werk kunt.
- Vraag aan je werkgever wat hij kan doen zodat jij weer aan het werk kunt gaan.
- Wees open en eerlijk. Zeg wat je denkt en doe dit op een vriendelijke en constructieve manier.
- Vraag je werkgever om uitleg als iets onduidelijk is.
- Vraag je werkgever wat zijn doelen zijn van de gesprekken tijdens ziekte.
- Zie je werkgever als een gelijke partner om mee te praten
Ook jij kunt het vertrouwen tussen jou en je werkgever bevorderen door:
- Open te communiceren met je collega’s en werkgever
- Wees een betrokken medewerker, luister en toon begrip de ander.
Bel of whatsapp eens met je directe collega, ook als je ziek bent.
- Ga in gesprek met je werkgever.
Doe dit met oprechte interesse en nieuwsgierigheid. Bespreek met jouw werkgever wat jij nog wel en niet meer kan. Hoe jij weer aan het werk kan gaan. Wat jij nodig hebt om weer te gaan werken. En natuurlijk wat jij nodig hebben van jouw werkgever. - Houd regelmatig contact
Dit geldt juist als je al enkele weken niet meer op je object(en) bent.
Het is belangrijk om contact te blijven hebben met je werkgever. Zo kun je bespreken hoe het met je gaat en wanneer je denkt weer te kunnen werken. Ook ben je op de hoogte van de laatste ontwikkelingen van het bedrijf. Dat houdt jou betrokken. Dit contact kan per telefoon, WhatsApp, mail en natuurlijk ook persoonlijk. - Neem de leiding in het gesprek. Jouw werkgever legt je uit dat hij wat vragen heeft over de ziekmelding, voortgang en het weer gaan werken. Geef open en eerlijk antwoord op de vragen. Maar meld het ook als jouw werkgever een vraag stelt die hij niet mag stellen. Bijvoorbeeld over je medische situatie. Je hoeft daar geen antwoord op te geven. Het mag wel. Stel jouw werkgever ook vragen. En geef aan of jij op dat moment de vragen wil beantwoorden of dat een andere afspraak nodig is.
- Wees duidelijk over verwachtingen, belangen en grenzen. Bespreek wat jij wel en niet kunt. Bespreek ook wat je verwacht van jouw werkgever. Ook als jij weer gaat werken, gedeeltelijk of volledig. Daarbij komt aan de orde:
- Welke taken jij wel kunt doen en welke niet;
- Wanneer jij weer gaat werken;
- Of er een opbouwschema is en zo ja, hoe dat eruit ziet
- Wat jij nodig hebt van de werkgever zodat jij weer aan het werk kunt
- Vraag je werkgever naar veranderingen in de organisatie, zoals wisselingen onder collega’s, leidinggevenden of contracten. Zo ben je voorbereid als je weer gaat werken. en voel je je meer betrokken.
- Tijd vrij te maken voor je elkaar
- Besteed aandacht aan elkaar
Alles wat je aandacht geeft, groeit. Dus ook voor jouw collega’s en je werkgever. Dit zit soms in kleine dingen. Een vraag stellen, interesse tonen of samen iets drinken maakt al verschil. Dit soort kleine gebaren doen er toe. - Als je behoefte hebt aan een gesprek, wacht er niet te lang mee. Je wilt iets vertellen of vragen.
- Drink eens een kopje koffie, thee of water met je collega, leidinggevende of team. Of maak een korte wandeling.
Samen eten, iets drinken en/of een korte wandeling maken kan wonderen doen voor de relatie.
- Kijk of het mogelijk is om mee te gaan op een teamuitje.
Zo leer je je collega’s, leidinggevende en werkgever op een andere manier kennen dan alleen van het werk.
- Meedoen en interesse te stimuleren met het werk en met elkaar
- Spreek regelmatig je waardering uit naar je collega’s en werkgever en geef een compliment. Stimuleer dit ook bij anderen. Zo laat je zien dat je elkaar waardeert.
- Neem je werkgever en elkaar serieus.
Luister naar elkaar, veroordeel elkaar niet. Toon respect voor de ander.
Focus op wat goed gaat en neem dit niet voor vanzelfsprekend aan. - Maak afspraken en kom die na, doe wat je zegt en zeg wat je doet.
Lukt het niet om ze na te komen? Meld dat dan en geef aan wat je dan gaat doen. Ook als je weer aan het werk gaat en dit lukt niet op de afgesproken tijd. - Informeer je werkgever regelmatig hoe het met je gaat.
Bespreek regelmatig hoe het gaat, ook als je weer aan het werk bent gegaan. Wat er goed gaat en wat minder goed gaat. Kan je je alle taken aan? Of is een of meerdere taken te zwaar? Bespreek wat jij wil doen en vraag je werkgever om hulp hierbij. - Vier successen samen. Sta stil bij dergelijke momenten en geniet van wat goed gelukt is. Dit verbindt en geeft erg veel positieve energie.